Ik doe de deur open en daar staan ze: mijn olifanten in de kamer. Olifanten op hakken, met ritsen, van suède, met strikjes. Zwart, bruin, groen met goud, rood, zilvermetallic, oranje en met fleurige bloemen. Ik wil het er liever niet over hebben, té pijnlijk, maar om deze leren olifantjes kan ik niet langer heen. Nee, ik kan nog wel tienduizend plantaardige recepten opdissen, maar daar wordt deze zonde niet mee weggewassen. Time to come clean: ja, mensen, goeiemorgen, ik heb een schoenenfetisj en een leerverslaving. En dan heb ik het nog niet over mijn rokjes, bloesjes, truitjes van Mango, Zara, H&M.
![]() |
| Zondig schoeisel... |
Zo, dat is eruit.
Ik werd vijf jaar geleden vegetariër na het lezen van Eating Animals van Jonathan Safran Foer.
Het kostte me vrij weinig moeite
vleesloos te leven. Intussen ging ik wel vrolijk door met het consumeren van kleding
zonder noemenswaardige schaamte. Dat wil zeggen, het kriebelde wel wat, die
goedkope kekke broekjes, maar het was ook zó moeilijk om duurzame textiel aan
te schaffen. Waar koop je die nou? En tja, ik was toch ook al vegetariërs
geworden? Dat was toch ook heel wat waard?
Deze laisser faire-houding werd steeds moeilijker om vol te
houden. Met elk schandaal (Rana Plaza!) in de kledingindustrie speelde mijn
geweten op. Ik kocht meer duurzaam, maar compenseerde dat vervolgens met schoenen
van Sasha of Invito.
Na het lezen van het artikel van Maartje Laterveer in het
kerstnummer van Vrij Nederland, wist ik
dat ik mijn leren-schoenen-cheapo-kleding-zonden niet simpelweg kon afkopen met
een maandje niet dierlijk consumeren. Volgens Laterveer, die zelf - saillant detail
- ook bij Vogue werkt, is de kledingindustrie, na de olieindustrie, de meest
vervuilende van de wereld. ‘Onder andere verantwoordelijk voor een geschatte 25
procent van het pesticidegebruik, 10 procent van de broeikasgasuitstoot en zo’n
20 procent van de industriële watervervuiling.’
Zij laat in haar artikel zien dat duurzaamheidsclaims van de
modeindustrie vaak niet veel meer zijn dan marketingtrucs. H&M gaat prat op
zijn recyclingacties. Zo’n 1,2 miljoen stukken kleding zouden van tweedehandsjes
worden gemaakt. Wauw! Maar, zegt Laterveer, ‘H&M maakt naar schatting zo’n 600 miljoen
kledingstukken per jaar, dus 1,2 miljoen stuks komt neer op 0,2 procent van de
totale kledingproductie.’ Ai! En het klonk zo goed.
De consument is natuurlijk niet onschuldig. ‘We kopen met
z’n allen jaarlijks ruim 80 miljard kledingstukken – dat is vierhonderd procent
meer dan twintig jaar geleden,’ schrijft
Laterveer. Say what? En wie denkt de minderbedeelden blij te maken met een oud
H&M’tje, vergeet het: ‘We dumpen ontwikkelingslanden vol met kleding waar
ze niet op zitten te wachten, die hun eigen kledingindustrie bovendien lamlegt
en zich opstapelt op een vuilnisbelt waar kinderen blootsvoets tussen de
niet-afbreekbare chemische rotzooi van onze afgedankte H&M’tjes lopen.’ Au!
Er is eigenlijk maar één oplossing en dat is drastisch minderen.
Afkicken van de kledingindustrie, die nog erger is dan de vleesindustrie, zo
lijkt het: superslecht voor de planeet en geen overheid die er naar kraait. Ik
doe dus een kledingdetox: een jaar geen nieuwe kleding, geen ondergoed, geen
sokken en zeker geen jurkjes en laarsjes. Het is nu januari. Ik heb de
uitverkoop overleeft, niets aangeschaft en draag braaf de olifantjes die in mijn kast
wonen. En overdenk onderwijl mijn zonden bij een troostend stuk (plantaardig)
bananenbrood. Sommige zonden moet je namelijk wél in ere houden.
Licht zoet en zondig en troostrijk bananenbrood
- 250 gram tarwebloem
- 1,5 theelepel bakpoeder
- 1,25 dl soyamelk (ik heb voor de gezoete versie gekozen)
- 60 ml plantaardige olie (ik koos voor kokos)
- 4 rijpe bananen in plakjes
- 100 gram pindakaas
- 1 theelepel kaneel
- 1 citroen: sap en schil
- Optioneel: gehakte nootjes naar smaak
Maak een bananenbeslag door de staafmixer te zetten op bananen,
pindakaas, melk, citroensap en -schil, kaneel en plantaardige olie.Zeef de bloem en bakpoeder in een kom en schep hier het
bananenbeslag doorheen.Stort in een cake-bakvorm, strooi er eventueel nootjes overheen en zet ongeveer een half uur in de oven
(180 graden). Klaar! Nog sneller dan een jeans scoren in de sale!







